gedicht van Hans van Druten
Kettingbotsing


de avond kraakt mijn harde knoken
het koude purper hangt zijn stroken
over d' aarde staat stil de nacht

oh, dood zijn, blind voor aarde- en hemelkleuren
zie het leven in schemerblauw verstillen
hoog in blauw kristal bloedt wit de wintermaan

voel mij geflitst in zilverblits
het avondlicht klapt uit
op de verblinde autoruit

ras nader klapt de nacht
zijn schaduwen over mij uit
door de snelle schemering

in mij scheuren diepe hemelen open
puilt uit de nacht mijn net geredde lijf

over mijn vol gezuchte bed heeft maan
in avondhemel van gemarteld hart gestaan